> De huidige arbeidsmarkt

De huidige arbeidsmarkt

Door het economisch herstel trekt de werkgelegenheid in bijna alle sectoren aan. Zo gaf de aantrekkende woningmarkt een impuls aan de bouwsector en zorgden de toegenomen uitgaven van huishoudens voor meer werk in de detailhandel en de horeca. Zo breidt de banengroei zich uit naar vrijwel alle sectoren. De sector gezondheids- en welzijnszorg, waar veel banen zitten, kromp de laatste jaren, maar door het stoppen van eerder aangekondigde bezuinigingen en een verder toenemende vergrijzing, trekt de werkgelegenheid ook daar weer aan.

Dit klinkt allemaal positief, maar ondanks dat het aantal vacatures stijgt, het aantal WW-uitkeringen en de werkloosheid daalt, profiteert niet iedereen van het aantrekken van de arbeidsmarkt. Zo hebben 50-plussers, lager opgeleiden, langdurig werklozen en (in toenemende mate) werkzoekenden die voorheen een administratief beroep hadden het moeilijk.

Dit heeft te maken met diverse factoren. Zo staan er banen onder druk, zoals in het financiële segment, waar een overschot aan werkzoekenden bestaat. Terwijl in andere sectoren werkgevers moeite hebben hun vacatures te vullen. Dit speelt met name in de techniek en de ICT, maar in toenemende mate ook in andere sectoren zoals de bouw, de zorg en het onderwijs. Met andere woorden: er is sprake van een mismatch tussen het aanbod en de vraag. Deze mismatch wordt vergroot door de snelle technologische ontwikkelingen, waardoor gevraagde vaardigheden niet altijd aansluiten, vooral als een medewerker/werkzoekende zich niet blijft ontwikkelen. Ook vergrijzing en de flexibilisering van de arbeidsmarkt spelen hierin een rol.

Om te voorkomen dat bepaalde groepen blijvend aan de zijlijn komen te staan, is het van belang dat werkzoekenden ook buiten hun ‘vertrouwde’ functie gaan zoeken. Iemand die voorheen bijvoorbeeld een functie als administratief medewerker had, heeft veel concurrentie aangezien het aantal banen hiervoor afneemt. UWV brengt regelmatig in kaart in welke beroepsgroepen moeilijk vervulbare vacatures zitten, met de notitie ‘Kansrijke beroepen: waar is de arbeidsmarkt krap?’. Deze beroepsgroepen bieden betere kansen op werk en zijn dan ook interessant voor werkzoekenden die geen werk (meer) vinden in hun vorige beroep.

Ook heeft UWV in de notities ‘Overstapberoepen: werk vinden in een ander beroep’ voor diverse beroepen waar weinig werk in te vinden is, in kaart gebracht welke overstapberoepen daar bij passen. Zo zijn beroepen met klantcontact mooie alternatieven voor financieel administratief medewerkers die op zoek zijn naar een baan.

Bij- en omscholing biedt ook mogelijkheden. Niet iedereen is echter schoolbaar of te motiveren tot (langdurige) scholing. Langdurige (klassikale) scholing is daarentegen ook niet altijd noodzakelijk. Een certificaat is bijvoorbeeld voor beroepen op lagere niveaus vaak al voldoende. Daarnaast kan uitzendwerk een goede opstap naar werk zijn. Het gaat niet alleen om banen voor kortere tijd, maar ook voor langere tijd. Ook netwerk en open sollicitaties zijn belangrijke kanalen om werk te vinden.

De rode draad hier is dan ook dat het blijven ontwikkelen van de eigen vaardigheden en bijblijven bij de huidige ontwikkelingen voor werknemers en werkzoekenden essentieel is. Aan de andere kant geldt dat werkgevers moeten investeren in de ontwikkeling van hun werknemers en moeten anticiperen op de toekomst: zorg dat je werknemers (blijven) voldoen aan de benodigde competenties en biedt werkzoekenden de mogelijkheid om zich intern te bekwamen voor vacatures. Zo wordt voorkomen dat vacatures onnodig lang open staan en komen werkzoekenden sneller aan een baan.

Jena de Wit en Jacqueline Toxopeus
Arbeidsmarktadviseurs UWV